NIEUWS

Welke renovatiewerken zijn nuttig voor een vastgoedinvesteerder?

Wie vastgoed koopt om te verhuren, kijkt met andere ogen naar zijn pand dan een eigenaar-bewoner. Maar ook als een investeerder renoveert, spelen er andere belangen.

We kennen het allemaal: na x aantal jaren zijn er herstellings- en renovatiewerken nodig aan een woning. Dat is niet anders voor een pand dat u verhuurt. Maar renoveren betekent: kosten maken.

Als vastgoedinvesteerder houdt u die natuurlijk het liefst zo laag mogelijk. Daarom dat een investeerder zijn verhuurde woning doorgaans verkoopt vóór er grote renovatiewerken moeten gebeuren, om zijn huurrendement niet al te fors te drukken. Toch kan renoveren nuttig zijn als vastgoedinvesteerder.

‘Nuttige investeringen zijn uitgaven die de levensduur van je pand verhogen, waardoor de verhuurbare periode van het pand verlengd wordt’, zegt Tim Leysen van het onafhankelijk vastgoedschattingsbedrijf Stadim. ‘Door dergelijke investeringen kun je de brutohuur (de huurprijs zonder rekening te houden met kosten en eventuele leegstand) op peil houden, en moet je op termijn jouw verouderde pand niet tegen een lagere prijs verhuren om toch kandidaat-huurders te lokken.’

Volgens Donald De Deygere, die samen met Remi Vereenooghe het renovatiebedrijf Oost West Construct uit Gentbrugge runt, zijn bij het verhuren van bestaand vastgoed het onderhoud en de renovatie essentieel om een goed en duurzaam rendement te bekomen én te behouden. ‘We zijn immers niet veraf meer van een algemeen verplicht conformiteitsattest bij verhuur’, klinkt het.

Kwaliteitsnormen

Zo’n conformiteitsattest is een officieel document dat aantoont dat uw woning aan de woningkwaliteitsvereisten (zie verder) voldoet. Het attest is niet verplicht om een woning te mogen verhuren, maar de gemeente kan het wel opleggen via een gemeentelijk reglement. En steeds meer gemeenten doen dat ook.

Wie in Vlaanderen een woning verhuurt, moet maken dat dat huis of appartement in orde is en voldoet aan bepaalde kwaliteitsnormen. Dat gaat dan onder meer over een degelijke structuur van het gebouw en een minimum aan comfort (toilet, stromend water…) en isolatie (dubbele beglazing, dakisolatie). Ook moet een woning voldoende groot zijn voor het aantal personen dat er wenst te wonen.

‘Daarom dat het soms te overwegen kan zijn om die zolder toch in te richten, om zo de maximale wettelijke bezettingsgraad te verhogen, en dus ook de huur’, aldus De Deygere. De bezettingsnorm geeft aan voor hoeveel personen een woning geschikt is, en wordt mee bepaald door het aantal ‘woonlokalen’ (keuken, badkamer, slaapkamers…) in een woning. ‘Ook post- corona wordt dat ingerichte zolderkantoor of die extra kamer een blijver.’

Must-haves

Los van de wettelijke normen waaraan een huurwoning moet voldoen, kunt u als investeerder op tal van manieren renoveren. Gaat u voor een opfrissing, een beperkte renovatie of een totale make-over? Oost West Construct renoveerde recent in Gent een gebouw met 7 appartementen en 6 garages. ‘Het ging om een oud gebouw dat werd doormidden gehaald om terrassen te creëren. Er kwam ook een nieuw gebouwd penthouse, en twee garages werden omgebouwd tot fietsenberging.

Volgens Vereenooghe zijn er bij een renovatie twee must-haves: een degelijke basisstructuur – denk aan het dak, de muren en het schrijnwerk – én goede technieken – elektriciteit, verwarming en afvoeren.

Uiteraard speelt ook het type vastgoed hier mee. Verhuurt u een huis, dan beslist u alleen over de werken die u wilt (laten) uitvoeren. U hoeft dan geen rekening te houden met de mede-eigenaars, zoals de verhuurder van een appartement wel moet doen. Die zal voor sommige investeringen afhankelijk zijn van de bereidheid en de goedkeuring van anderen. In een appartementsgebouw zijn er immers gemeenschappelijke delen.

‘In principe mag een eigenaar van een appartement binnen zijn privatieve kavel renovatiewerken uitvoeren. Maar er zijn toch wat beperkingen’, waarschuwt Katelijne D’Hauwers van de Verenigde Eigenaars, de belangenvereniging voor mede-eigenaars.

Gemeenschappelijke delen

Zo zult u de documenten van het gebouw moeten nalezen, om te zien wat privatief is en wat gemeenschappelijk, zoals bijvoorbeeld de leidingen. ‘Wordt er geraakt aan de gemeenschappelijke delen, dan moet u minstens de syndicus verwittigen. Soms is immers het afsluiten van de gemeenschappelijke waterleiding vereist’, aldus D’Hauwers.
 
‘In heel wat gebouwen is er ook een reglement, waarin bijvoorbeeld kan staan dat het verboden is om werken uit te voeren tijdens de schoolvakanties. En ten slotte zijn er de gemeentelijke verordeningen. Zo mogen er in veel kuststeden tijdens de zomermaanden geen vergunningsplichtige werken worden uitgevoerd aan gebouwen, of werken die hinder veroorzaken.’

Bij het plaatsen van een nieuwe badkamer zult u met andere woorden rekening moeten houden met de leidingen en met de lawaaihinder voor de buren.

Idem voor uw terras of balkon. ‘Als dat tot de privatieve delen behoort, zult u in principe wel werken mogen uitvoeren’, weet D’Hauwers. ‘Zo zult u meestal zonder problemen de vloer van uw terras mogen vervangen.’ Dat is anders voor balustrades. ‘Daar mag je zelden iets aan doen, omdat dat aan het uniforme uitzicht van het gebouw raakt.’

‘Als de algemene staat van het gebouw slecht is, heeft het ook weinig zin om uw appartement mooi te renoveren’, meent Leysen. ‘Bovendien kan dit tot nog meer problemen leiden. Het gebeurt meermaals dat gerenoveerde vloeren weer opengebroken moeten worden wegens defecte leidingen, afvoeren en verwarmingsbuizen’, aldus De Deygere. ‘Gerenoveerde appartementen in een mede-eigendom kunnen daardoor een passief meenemen dat kan blijven wegen op het rendement.’

Dat betekent echter niet dat wie een huis verhuurt, met niemand rekening moet houden. ‘Als er belendende percelen zijn, zult u uw buren moeten aanspreken over bijvoorbeeld problemen bij gemeenschappelijke schouwen, buitenmuren op de perceelsgrens of vocht in een gemeenschappelijke muur’, zegt Vereenooghe.

Juiste volgorde

Let bij renovatiewerken op de juiste volgorde. ‘Doe je dat niet, dan riskeer je bijkomende kosten, ergernis en finaal minder meerwaarde’, aldus De Deygere. ‘Het heeft geen zin om een nieuwe keuken te installeren als de oude waterleidingen verkalkt zijn, en/of als de afvoeren niet meer optimaal functioneren.’

Idem voor investeringen die uw pand energiezuiniger maken. ‘Het geeft geen zin om zonnepanelen te installeren op een dak dat het geen tien jaar meer uithoudt. Isoleer ook geen gevel als de dakgoot nog net niet lekt. En een dak isoleren als de muurbalk eigenlijk eerst moet worden vervangen, is ook zinloos’, vult Vereenooghe aan.

‘Dat klinkt logisch, maar gebeurt nog al te vaak’, weet De Deygere. ‘Halve oplossingen leiden steeds tot problemen. Vandaar dat we een grote kost die rendeert liever een goede investering noemen. Een kleine kost die dat niet doet – hoe klein ook - blijft een kost.

Essentieel is volgens Leysen ook het huursegment waarin u actief bent. ‘In het lagere huursegment kijken kandidaat-huurders vooral naar de betaalbaarheid van een pand, en is het visuele aspect van de prijs belangrijk. In dat segment zal het dus iets moeilijker zijn om renovatiewerken door te rekenen in de huurprijs. In het hogere huursegment hebben kandidaat-huurders meer aandacht voor comfort en duurzaamheid, en zult u uw investering nominaal sneller terugverdiend hebben dan in het lagere segment.’

Het is dus zaak om die investering(en) te doen die uw pand aantrekkelijk maken voor het segment waarin u verhuurt. ‘Als u vastgoed in portefeuille hebt dat veelal als tussenstap wordt verhuurd, met veel rotatie, is de slijtvastheid en het makkelijke onderhoud van het materiaal misschien belangrijker dan het esthetische aspect. Als u daarentegen een penthouse wilt inrichten en bemeubelen voor expats spelen andere criteria mee’, weet De Deygere.

Wat ook vaak wordt gezegd: kies bij de afwerking voor neutrale materialen en kleuren, die een zo breed mogelijk publiek aanspreken en laat persoonlijke voorkeuren achterwege. Bent u fan van knalgroene tegeltjes in de keuken, plaats die dan in uw eigen woning, maar niet in het pand dat u verhuurt.

Het terugverdienen van uw investering zit volgens Leysen vooral in de meerwaarde bij een latere verkoop. Hoe groot die meerwaarde zal zijn, valt natuurlijk niet te voorspellen. Maar het is niet zo dat wanneer u voor 75.000 euro aan renovatiewerken doet, uw pand ook 75.000 euro meer waard wordt. Bovendien hangt de meerwaarde ook af van de prijs waarvoor u het pand destijds kocht. ‘Als u toen misschien al wat te veel betaalde, zal de eventuele meerwaarde kleiner zijn.’ Maar ook: ‘Hoe dichter u bij de renovatie verkoopt, hoe meer meerwaarde u in principe haalt.’

 Bron: De Tijd